Ten minste één keer per week word ik fronsend door een kleuter aangekeken: “Jij bent niet mijn beste vriend.” De kleine man is niet blij als hij zijn zin niet krijgt en zal dit dan ook luidkeels verkondigen. Als antwoord krijgt hij van mijn steevast een dikke kus op zijn voorhoofd en laat ik hem weten “Jij zult altijd mijn beste vriend zijn.” Oma’s liefde voor de kleine boze man is onwankelbaar. Of hij nou gehoorzaam is of koppig en opstandig, ik blijf hem beschermen en ervoor zorgen dat hij alles krijgt wat hij nodig heeft.

Wanneer ik de evangeliën lees en Jezus in gedachte voor Pilatus zie staan, dan weet ik dat Hij volledig geconcentreerd was op de vreugde die voor Hem lag (Hebreeën 12:2). Om een zondaar als ik te redden, negeerde mijn Verlosser de vernedering en gaf Hij Zijn aanklagers geen antwoord.

Jezus hield van mij toen ik mij koppig vasthield aan de zonde.

Als een lijdende dienaar verdroeg hij de zweepslagen om mij te bevrijden.

Nederig droeg Hij het kruis om mij uit de ketenen van de hel vrij te kopen.

Jezus was volhardend om mij tot Zijn eigendom te maken.

Eens was ik een vreemdeling en vijand van God, op weg naar de hel, maar het bloed van Christus doorbrak alle banden van de zonde en schaamte en bracht mij weer in harmonie met God. Mijn beste vriend stierf in mijn plaats aan een wreed kruis.

Oh, wat een liefde!

Voor iedereen die Jezus aanneemt en met God verzoend wil worden, is er volledige verlossing om niet. Helaas heeft Judas zich nooit bekeerd. Ja, hij had spijt van het resultaat van zijn handelingen, maar hij heeft zich nooit aan de Verlosser overgegeven en Hem volledig aangenomen.

Wanneer wij volhardend onze eigen weg gaan, eindigen we zonder uitzondering met lege handen. Christus verlangt ernaar onze schaamte weg te halen en ons te bedekken met Zijn genade. Hij wil ons kronen met Zijn goedertierenheid en ons bedekken met Zijn gerechtigheid (Psalm 103:4; 2 Korinthe 5:21).

Lieve zus, je bent niet langer vervreemd. Je bent opgenomen in de onvoorwaardelijke liefde van een Vriend en Verlosser die je nooit los zal laten.

Herinner jezelf vandaag aan deze waarheid: “Dankzij Jezus ben ik nabij gebracht en ben ik heilig en smetteloos en onberispelijk voor God geplaatst.”

Stop en lees die laatste zin nog eens langzaam en hardop voor. Je bent niet meer de vrouw die je was. Je Verlosser heeft je volledig hersteld en je met God verzoend.

Wat kunnen wij dan antwoorden op die overweldigende liefde? Kolossenzen 1 geeft ons aanwijzingen:

  • We kunnen ons hart volledig aan Hem toewijden. Paulus moedigt ons aan om “in het geloof te blijven, gefundeerd en vast.”
  • We kunnen onze gedachten op Zijn wil richten en Zijn Woord gehoorzamen. In plaats van de verlangens van ons vlees na te jagen, moeten we standvastig zijn en ons niet laten “afbrengen” van de hoop van het evangelie dat we hebben gehoord.
  • We kunnen in deze zondige wereld onzelfzuchtig dienen als afgezanten van Zijn verzoening. Elke dag komen we in aanraking met mensen die helaas nog steeds van God vervreemd zijn en het is aan ons als nederige dienaars van God om hen de hoop van het evangelie te verkondigen.

Jezus is onze allerbeste vriend. Blijf volharden in de verkondiging van het Goede Nieuws dat Hij de Verlosser is die gekomen is om ons uit te nodigen en ons van onze zonden te verlossen. Hij alleen geeft ons wat wij nodig hebben en beschermt ons tegen de vijand die ons probeert te verdelgen. Hij zal iedereen die zich van de zonde afkeert en “Jezus, ik geloof” zegt in Zijn armen nemen.

Tegen wie moet jij deze week zeggen “Jezus houdt van jou”? Kijk hen met een glimlach in de ogen en laat hen weten dat Zijn onvoorwaardelijke liefde hen nooit vervreemd en met lege handen achter zal laten.